BOUWTAAL ZONDER JARGON
Bouwbegrippen A–Z
Wat betekent een stelpost, koudebrug of opbouwhoogte? Zoek de term en lees de uitleg in gewone taal.
- Aanneemsom
- Het afgesproken bedrag voor de werkzaamheden zoals omschreven in de overeenkomst.
- Afschot
- Een bewust hoogteverschil waardoor water naar een afvoer kan lopen.
- Bouwbesluit
- Oudere benaming die nog vaak wordt gebruikt. De landelijke bouwregels staan sinds 2024 vooral in het Besluit bouwwerken leefomgeving.
- Bouwfysica
- Kennisgebied rond warmte, vocht, lucht, licht en geluid in gebouwen.
- Bouwvocht
- Vocht dat door nieuwe materialen of werkzaamheden in een gebouw aanwezig is.
- Constructeur
- Specialist die draagconstructies beoordeelt en berekent.
- Dilatatie
- Bewuste voeg of onderbreking die beweging en uitzetting kan opvangen.
- Draagmuur
- Wand die belasting van andere bouwdelen helpt afvoeren.
- Eindgroep
- Afzonderlijk beveiligd deel van een elektrische installatie.
- Egaliseren
- Vlak maken van een ondergrond voor verdere vloerafwerking.
- Gebouwschil
- De begrenzing tussen binnen en buiten, zoals gevel, dak, vloer, ramen en deuren.
- Hemelwaterafvoer
- Systeem dat regenwater van dak of terrein afvoert.
- Infrezen
- Sleuven maken in een bestaande laag, bijvoorbeeld voor leidingen of vloerverwarming.
- Inmeten
- Nauwkeurig opnemen van maten als basis voor ontwerp, bestelling of maatwerk.
- Inregeling
- Afstellen van een installatie zodat verdeling en werking passen bij het ontwerp.
- Isolatiewaarde
- Maat voor de thermische prestatie van materiaal of een compleet bouwdeel.
- Koudebrug
- Plek waar warmte makkelijker naar buiten stroomt en het binnenoppervlak kouder kan worden.
- Leidingplan
- Overzicht van posities en routes voor water, afvoer, elektra of verwarming.
- Meerwerk
- Werk buiten de afgesproken opdracht dat extra kosten kan veroorzaken.
- Minderwerk
- Onderdeel van de afgesproken opdracht dat vervalt en financieel wordt verwerkt.
- Naregeling
- Regeling waarmee bijvoorbeeld afzonderlijke ruimtes of zones worden aangestuurd.
- Nis
- Terugliggend vak in een wand, vaak gebruikt voor opbergruimte in een badkamer.
- Ondergrond
- Bestaande laag waarop nieuw materiaal wordt aangebracht.
- Opleverpunt
- Geconstateerd punt dat nog moet worden hersteld of afgerond.
- Opbouwhoogte
- Totale dikte van alle lagen samen boven een bestaand niveau.
- R-waarde
- Warmteweerstand van een materiaal of laag; de precieze betekenis hangt af van de gebruikte aanduiding.
- Rc-waarde
- Warmteweerstand van een complete constructie, zoals een vloer, gevel of dak.
- Rd-waarde
- Warmteweerstand van een afzonderlijke materiaallaag.
- Stelpost
- Voorlopig bedrag voor een onderdeel dat nog niet volledig is gekozen of bepaald.
- Standleiding
- Verticale hoofdleiding voor afvoer in een gebouw.
- Thermische brug
- Andere term voor koudebrug.
- U-waarde
- Maat voor warmtedoorgang; een lagere waarde betekent doorgaans minder warmtedoorgang.
- Ventilatievoud
- Aantal keren per tijdseenheid dat een hoeveelheid ruimtelucht theoretisch wordt ververst.
- Vergunningcheck
- Online controle in het Omgevingsloket die aangeeft of mogelijk een vergunning, melding of informatieplicht geldt.
- Vochtscherm
- Laag die vochttransport of waterindringing beperkt; type en plaats hangen af van de constructie.
- Vooropname
- Vastlegging van de bestaande toestand vóór werkzaamheden beginnen.
- Werkbare dagen
- Dagen waarop werk volgens afgesproken voorwaarden kan worden uitgevoerd; de precieze definitie hoort in de overeenkomst.
- Werkvolgorde
- Geplande opeenvolging van werkzaamheden en afhankelijkheden.
